Beste clubleden,
Zoals ik in een eerdere WTC nieuwsbrief aankondigde zou ik jullie op de hoogte houden van de ontwikkelingen rond de genoemde sponsoractie.
Wat is het mooi als je je hobby en het ondersteunen van een goed doel kunt combineren. Iets dat ik niet had kunnen voorvoelen. Tenslotte ben ik “verzeild” geraakt in deze actie vanwege het feit dat mijn oudste zoon Menno long covid heeft. Ik ga in dit verhaal geen uitleg geven over zijn ziekte, ook wil ik geen medelijden opwekken. Waar het mij om gaat dat onze hobby zo geweldig mooi is en dat het een mogelijkheid biedt richting te geven aan en omgaan met gevoelens. Dat WTC daarmee een platform biedt welke mij stimuleert om op zondagmorgen mijn bed uit te komen en te ervaren hoe leuk het is om gezamenlijk een rit door onze mooie leefomgeving te maken. Dat gezamenlijke fietsen schiep voor mij de mogelijkheid om te trainen en toe te werken naar twee mooie fietstochten die ik solo wilde gaan doen. Dit omdat ik het gevoel had dat ik al die donateurs wel iets verplicht was als tegenprestatie. En grappig om te merken, dat gaf me an sich al het gevoel van energie.
Medio mei begon het steeds meer te kriebelen en begon ik vaker op Buienradar te kijken, de langetermijn voorspellingen werden vaker bekeken. Ergens voelde ik me dan ook een watje.
Want gunstige wind, niet te warm, niet te koud. Al dat “gedoe” alsof ik de kantjes er vanaf wilde fietsen. Steeds dacht ik, ik rij solo, ik wil dat het slaagt, geen verspilde energie. En ook nog, als ik maar geen panne krijg en wat als dat zo erg is. Dus niet vergeten de OV kaart mee nemen, liefst niet op zondag fietsen, door de week is er misschien een fietsenmaker die me kan helpen, mocht ik zelf, met twee linkerhanden, de panne niet op kunnen lossen.
Enfin, na dit geneuzel besloot ik dan 15 juni om op 17 juni de Gelderse Elfstedentocht te gaan doen. Overigens de tocht gepikt van Strava. Iets voor zessen stap ik de fiets op, klein rugzakje met bammetjes, twee bidons gevuld met zoete lekkernij,CO2 patronen, binnen- en buitenbandje, powerbankje en telefoon. 241 Km voor de boeg. Het is heerlijk weer en via Tiel, Rhenen, Wageningen, het Italiaantje (wat een heerlijke plek in de vroege ochtend), gaat het richting Rozendaal. Inmiddels zijn verschillende scholieren met fatbikes me lachend gepasseerd, heeft een scholier een praatje met me aangeknoopt.
In Rozendaal start ik het traject Posbank. Het is stil, geen enkele auto te bekennen, zelfs geen fietser(s), het vroege ochtendlicht schijnt door de loofbomen, mistflarden zijn soms zichtbaar en het is zo stil. Stil in mijn hoofd is het niet, ik denk aan de enorme veranderingen die zich voordoen sinds Menno ziek is. Aan al diegenen die in meer of mindere mate met long covid hebben te maken en hun leven, mogelijk voorgoed en in ieder geval nu bepaald zien door deze nare aandoening.
Ondertussen probeer ik de klimmetjes steady te fietsen en zie ik plotsklaps, pal voor mijn neus, een ree de weg over schieten. Een geluksmoment, kippenvel ook. Na al het moois dat de Posbank mij bood fiets ik richting Doesburg, hoopte eigenlijk het oude stadscentrum te doorkruisen, echter voert de GPX mij door een jaren 80 wijk met woonerven. Ik voel mijn benen, rug en schouders en heb er inmiddels zo’n 85 km op zitten. Tijd voor een break, eten, plassen, wat rondlopen op de IJsseldijk en appen met thuis. Een koffietent is ver te zoeken.
Langs de IJssel gaat het richting Huissen en kom ik op bekend terrein, herinneringen aan de Nijmeegse 4Daagse komen naar voren. Gendt, Bemmel, Oosterhout, de Oversteek (genoemd naar de roemruchte oversteek over de Waal bij Nijmegen door Amerikaanse militairen in WO2), ik passeer op korte afstand het voormalige woonadres van Menno, doet pijn.
Door richting Beuningen en Batenburg, mooi stadje aan de Maas. De zon schijnt uitbundig over de uiterwaarden en ik heb zin in een terras, Moeke Mooren net voorbij Appeltern is niet ver meer.
Heb me voorgenomen een uur rust te pakken na 160 km wel lekker, ook omdat de wind uit ZW komt en met krachtje 3 waait. Niet te moeilijk, ik voel ‘m wel.
Op het terras spreek ik 2 dames die een Midden Nederland tour doen op een racetandem. Super mooi ding en we spreken mekaar over “de dingen des levens”. 1 Van de dames biedt spontaan een donatie aan als we het hebben over lichamelijke en mentale narigheid.
De zon, die weelderig schijnt, doet me goed en ik kom bij van twee overheerlijke, mega grote, tosti’s en verwen mezelf nog met een coupe ijs. Benieuwd of dit het fietsen dadelijk gaat vergemakkelijken. Wanneer ik mijn bidons heb bijgevuld vervolg ik mijn tocht richting Alphen aan de Maas, Heerewaarden en Zaltbommel. De Martinus Nijhoffbrug over. Even denk ik, hier naar rechts, 5 km naar Meteren. Maar ja, dan is Joke voor niets naar Haaften gekomen. Dus op naar een lekker bankje met uitzicht op de Waal waar Joke wacht met een koud 0,0 biertje en chippies. Fijn elkaar te spreken, bij te praten om vervolgens de laatste 45 km via Leerdam en Culemborg, naar Meteren te fietsen. Om 18 uur ben ik moe en zeer tevreden thuis. De benen voelen oké en begroet ik Menno.
De week voor 6 september houd ik de weersverwachtingen goed in de gaten en merk dat de tijd een beetje begint te drukken. Op 30 september loopt de sponsoractie af en die Friese Elfstedentocht dient nog volbracht te worden. Ik wil met niet meer dan windkracht 3 het Friese land doorkruisen en wat zou het mooi zijn als de temperatuur omstreeks 20 graden is.
Het is alsof de duvel er mee speelt, ik heb niet gebeden, maar 6 september past het weer volledig in mijn gewenste plaatje. Had me echter ook opgegeven voor het lustrumfeest van WTC, helaas moet ik dat afzeggen. Later hoor ik dat het een zeer geslaagd feest is geworden en ook daar de weergoden op positieve wijze hun bijdrage leverden.
Al enkele jaren wilde ik deze tocht solo fietsen, zelfs een oriëntatie op de wintereditie, steeds was er een (flauw) excuus, druk, druk, druk, het weer etc. om niet die beweging te maken. Nu geen escape dus op 6 september om 4 uur mijn mandje uit, ontbijtje, krantje (ja,ja) vervolgens richting Sleat (Sloten) gereden. Met vertraging vanwege wegwerkzaamheden en een gemiste aanduiding w.b. omleiding, krijg ik Kampen in zicht. What the f**k denk ik, gaat niet lekker zo.
Met Google maps een nieuwe route in elkaar geflanst. Nee geen Elfstedentocht Flevoland (scheelde niet veel). Sleat wil ik bereiken! Om 7.30 uur stap ik daar mijn fiets op. Spreek nog kort enkele kayakkers en hop op weg naar Starum (Stavoren). Ik doorkruis het Gaasterland. Echt een mooi bosgebied, enigszins glooiend. Geen wei, koeien, sloten, meren. Wel doemt op zeker moment de IJsselmeerdijk op en kom ik op een werkelijk schitterende polderweg uit, deze meandert door de weilanden en leidt me naar Stavoren. Daar is het even zoeken naar het fietspad naar Hylpen ( Hindeloopen).
Hylpen is een mooi stadje met een schitterend uitzicht op het IJsselmeer, op de dijk pak ik even wat rust en laat m’n gedachten gaan en weet dat in Harns (Harlingen) mijn zoon Daan met zijn twee zoontjes me gaan supporten. Zover is het echter nog niet. Warkum (Workum) en Boalsert (Bolsward ) staan op de nominatie doorkruist te worden. Het is rustig op de weg, af en toe racefietsers die me tegemoet komen, een enkele auto en fietsers gepakt en gezakt die kennelijk ook al vroeg hun biezen op een camping hebben gepakt.
Naast de GPX krijg ik hulp van grote gele pijlen die op de weg zijn aangebracht, de restanten van de georganiseerde Elfstedentocht op Pinkstermaandag 2026. Velen hebben me gevraagd waarom ik die niet meedeed: 1. Ik wilde per se solo, 2. niks.
Het valt me op dat ik gemakkelijk fiets, windje in de rug, die overigens naarmate de tijd vordert, in kracht wat toeneemt. Ay, denk ik, wat gaat dat straks vanaf Frjentsjer (geen typefout/Franeker) betekenen als ik richting Dokkum ga koersen. Dokkum is de Friese naam voor Dokkum trouwens. Wat ik niet weet en later dus hoor, is dat Daan me via de door mij ingeschakelde locatiegegevens, al geruime tijd volgt en me probeert te onderscheppen, dat lukt dus niet omdat ik te snel ga, zoals hij later zal zeggen. Hoe dan ook, een kilometer of 5 voor Harlingen bel ik hem op en zeg waar ik ongeveer sta, vervolg mijn weg en niet veel verder op zie ik een man en twee kinderen enigszins verscholen achter een heg staan, denk dat ze willen oversteken en niet veel later blijken het Daan met kids te zijn die me luidkeels begroeten. In de remmen dus, tranen vloeien over de snuit van Daan en mij. De kids enthousiast en willen hun verhaal over “die grote dijk”, de Afsluitdijk dus kwijt. We besluiten dat in Harlingen op een terras te doen. Daar aangekomen lekker taart genoten en vele wespen met ons. Mag de pret niet drukken, voel me zo gesteund en blij met hun aanwezigheid. Dat ik dit mag meemaken! Na een uurtje nemen we afscheid van elkaar en ga ik op weg naar Franeker, windje opzij en soms mee.
Gaat lekker zo. Brede fietspaden, oude zeedijkjes voeren me naar Dokkum en daar begint het feest. De benen voelen zwaar en ik weet dat het traject naar Ljouwert ( Leeuwarden) een klusje gaat worden. Een barrel van een fietspad langs de roemruchte Dokkumer EE gaat me oostwaarts brengen. Gelukkig is er onderweg voldoende afleiding, zie een jongen een snoek uit het water takelen, er zijn diverse (steile) houten bruggetjes die ik liever niet fietsend overbrug.
Ook het beroemde brugje bij Bartlehiem ontbreekt niet, inclusief fotomoment. Telkens kom ik tegenliggers met brede fietstassen tegemoet. Gelukkig zijn ze oplettend, net als ik. Al merk ik dat de kilometers en de wind tegen hun tol eisen.
In Leeuwarden, daar waar ik een stop had geplanned, besluit ik door te fietsen. Heb geen zin in drukte en mensen om me heen. Ik zal wel zien of Bolsward of misschien een kleine uitspanning ergens anders me meer kan bekoren. Die vind ik in Ysbrechtum, terrasje in de late middagzon. Ik doe me tegoed aan overheerlijke mosterdsoep i.c.m. met 2 cola ( je moet wat). Een oudere heer spreekt me aan en doet zijn best Nederlands te spreken, dat gaat hem goed af. Hij is nu op een ebike, daar waar hij jaren geleden ook de racefiets geselde en ook al eens de Elfsteden fietste.
Ondertussen bedenk ik me dat ik uiterlijk 19 uur in Sloten wil zijn. Snits (Sneek) en Drylts ( IJlst) moet ik nog passeren om de 11 Steden vol te maken en de wind is krachtje 4 tegen. Ik heb mazzel want onderweg kom ik een stel op de racefiets achterop. Gezellige lui die vertellen over de Achterhoek, Posbank en Montferland. Ze wonen in Zutphen en zijn nu bijna klaar met hun Elfstedentocht. Het geeft me afleiding en voel mijn benen minder, sterker nog de energie komt terug. Ik besluit om Sneek en IJlst gewoon maar snel te doorkruisen. Al is dat fotomomentje bij de Waterpoort in Sneek niet te versmaden en is het daar gezellig druk op en om het water. Wanneer de telecommast nabij Sloten in zicht komt weet ik dat er nog 15 km zijn te gaan en dat ik klokke 19 uur ga halen. Tijd om de beentjes rustiger rond te laten gaan en bij het plaatsnaambord een selfie te maken en die op te sturen naar Stichting Long Covid Nederland. Via hun socials brengen ze actie onder de aandacht en zelf zal ik mijn actiepagina updaten.
Moe en voldaan kom ik even na zevenen in Sloten aan, bel ik met het thuisfront, hijs mijn fiets in de auto en rijd naar huis. Een ervaring rijker en dankbaar dat zovelen hebben gedoneerd en meegeleefd. Dank clubleden voor jullie donatie.
Vandaag, 26 september, staat de teller van de aktie op 2522 euro. Nog 4 dagen te gaan, daarna sluit de aktie. Mocht je willen doneren, laat het me weten via Whatsapp 06-38188515. Ik stuur je vervolgens de link naar de aktie.
Henk van Bremen
PS: beide tochten kunnen prima in groepsverband gereden worden. Leuk als Longest Day Challenge. De Gelderse begint bij jouw voordeur.
